In het heldere, alpiene water van een rivier in Zuid-Zwitserland zoeken drie jonge Afghaanse vluchtelingen verkoeling. Aan de oever – op de achtergrond klinkt zacht gekabbel – ontmoeten ze leeftijdsgenoten uit de omgeving en genieten ze van eenvoudige, alledaagse momenten. Maar onder deze zomerse idylle schuilt een diepe onzekerheid: door een aangekondigde wetswijziging van de Zwitserse overheid dreigen alleenstaande, gezonde Afghaanse mannen van boven de achttien gedeporteerd te worden naar het land dat ze juist ontvluchtten.
Terwijl de uren verstrijken, komen zware herinneringen bovendrijven. De jongens spreken over hun gevaarlijke reis door donkere bossen, overvolle boten, het verlies van dierbaren en het geweld van de Taliban, dat hen deed vluchten. Met zintuiglijke beelden van het landschap en intieme gesprekken aan de oever vangt de film het scherpe contrast tussen het rustgevende Zwitserse decor en de harde realiteit van het vluchtelingenbestaan. Zo groeit de film – waarvan de titel vertaald 'de jongens bij de rivier betekent' – uit tot een observerend portret over isolatie, verlies en het verlangen naar een vredige toekomst.
Stills



















