Tenten, opeengepakt op een pleintje in Mexico-Stad. Haïtianen, gevlucht voor bendegeweld en armoede, hebben hier een tijdelijk bestaan opgebouwd. Een microsamenleving aan de voet van het standbeeld van Giordano Bruno, een Italiaanse filosoof die in 1600 op de brandstapel belandde vanwege zijn ‘ketterse’ denkbeelden. De migranten branden wierook aan zijn voeten, vragen hem om hun visumaanvraag te zegenen.
Ondanks de constante onzekerheid heeft het dagelijks leven hier een ritme gevonden, dat de film vastlegt in een observerende stijl. We volgen drie vrouwen terwijl zij afwassen, koken, water halen. We luisteren mee naar gesprekken, naar de regen die op tentdoeken tikt, het schrapen van potten en pannen. Er zijn onderlinge spanningen, er wordt gelachen, er is verliefdheid, jaloezie, zorgen om de toekomst – en de hoop het beloofde land te bereiken en liefde te vinden.
De beschouwende benadering ademt de Direct Cinema van de jaren vijftig en zestig, wat het gebruik van zwart-wit en het vierkante beeldformaat nog eens benadrukken. Zonder de urgentie van hun situatie uit het oog te verliezen, beweegt de film nadrukkelijk voorbij het vluchtige beeld dat doorgaans het nieuws over migranten bepaalt.
Stills



















